Veilig gebruik heftrucks en andere mobiele transportmiddelen

Aanrijdingen en andere ongevallen met heftrucks komen nog te veel voor. Deze worden voorkomen door een goede inrichting van het gebouw en terrein, maar vooral door gedisciplineerd gedrag van gebruikers. Naast veiligheidsrisico’s zijn er ook gezondheidsrisico’s verbonden voor gebruikers. Een belangrijk deel van de medewerkers in de sector rijdt op mobiele transportmiddelen. Zodoende zijn op sectorniveau afspraken gemaakt over een veilig en gezond gebruik van mobiele transportmiddelen.

Medewerkers die transportmiddelen gebruiken zijn daarvoor opgeleid of geïnstrueerd. Hiervoor gelden de volgende afspraken:

  • Heftrucks, reachtrucks en vergelijkbare arbeidsmiddelen worden alleen bediend door aangewezen medewerkers met een passende opleiding. Een opleiding is passend als deze voldoet aan de eisen van Brancheafspraak 'Opleiding veilig gebruik mobiele arbeidsmiddelen'.
    • Als gebruik gemaakt wordt van hulpstukken dan is hieraan extra aandacht besteed in de opleiding.
  • Elektrisch aangedreven palletwagens, stapelaars en orderverzameltrucks worden alleen gebruikt door aangewezen medewerkers die hiervoor voldoende zijn opgeleid. Voldoende opgeleid betekent dat voldaan wordt aan de eisen zoals beschreven in 'Opleiding veilig gebruik mobiele arbeidsmiddelen'.

Er zijn doeltreffende maatregelen getroffen die waarborgen dat aangedreven transportmiddelen niet door onbevoegden gebruikt kunnen worden.

Er is een nadere inventarisatie gedaan van werkzaamheden waarbij een risico op kantelen van de heftruck of reachtruck denkbaar is. Hiervoor zijn zonodig specifieke maatregelen genomen en instructies gegeven aan de gebruikers.

Bij laaddocks is een voorziening beschikbaar die voorkomt dat de te beladen/af te laden voertuigen ongecontroleerd kunnen wegrijden.

Heftrucks en reachtrucks zijn uitgerust met een voorziening zodat zij niet kunnen wegrijden als de bestuurder het voertuig heeft verlaten.

De hef- en reachtrucks zijn uitgerust met een veiligheidsgordel of beugel of andere voorzieningen die bij kantelen er voor zorgen dat de medewerker geen onnodig letsel oploopt.

Voorzetstukken en andere hulpstukken die worden toegepast op de heftruck of reachtruck zijn goedgekeurde arbeidsmiddelen en de gebruiker is bekend met de consequenties van het hulpstuk. Onder meer is een goed zichtbaar lastdiagram beschikbaar voor ieder hulpstuk.

Wanneer er een last wordt vervoerd met een truck waardoor het zicht van de chauffeur naar voren is belemmerd (hoger dan 60 cm bij een heftruck), wordt achteruit gereden.

Bij het rijden wordt de last zo laag mogelijk gehouden (niet hoger dan 15 cm geheven), dus er wordt niet met een geheven last gereden. Met geheven of te hoge last rijden verhoogt risico op aanrijdingen en kan kantelgevaar met zich meebrengen.

Als heftrucks meer dan twee uur per dag door de medewerker gebruikt worden, dan is vastgelegd welke maatregelen genomen zijn om te hoge trillingsbelasting tegen te gaan (rugschade voorkomen).

Voor het laden van accu’s voldoet het bedrijf aan de afspraken in de deelcatalogus ‘Veilige magazijninrichting’.

Minimaal 2 maal per jaar wordt een veiligheidsronde gelopen om specifiek te beoordelen of alle afspraken ten aanzien van veilig gebruik van transportmiddelen worden nageleefd (zie ook brancheafspraak Bedrijfsregels). Het rijgedrag van hef-/reachtruckchauffeurs is hier explicier punt van aandacht. Hiervan wordt een evaluatie vastgelegd met daarin opgenomen welke verbetermaatregelen getroffen zijn in geval er ongewenste situaties zijn waargenomen.

Goede praktijken bij deze richtlijn

Print dit artikel E-mail dit artikel

Relatie met wet

Arbobesluit art. 7.6 en art. 7.17

Veilig gebruik heftrucks en andere mobiele transportmiddelen

Aanrijdingen en andere ongevallen met heftrucks komen nog te veel voor. Deze worden voorkomen door een goede inrichting van het gebouw en terrein, maar vooral door gedisciplineerd gedrag van gebruikers. Naast veiligheidsrisico’s zijn er ook gezondheidsrisico’s verbonden voor gebruikers. Een belangrijk deel van de medewerkers in de sector rijdt op mobiele transportmiddelen. Zodoende zijn op sectorniveau afspraken gemaakt over een veilig en gezond gebruik van mobiele transportmiddelen.

Medewerkers die transportmiddelen gebruiken zijn daarvoor opgeleid of geïnstrueerd. Hiervoor gelden de volgende afspraken:

  • Heftrucks, reachtrucks en vergelijkbare arbeidsmiddelen worden alleen bediend door aangewezen medewerkers met een passende opleiding. Een opleiding is passend als deze voldoet aan de eisen van Brancheafspraak 'Opleiding veilig gebruik mobiele arbeidsmiddelen'.
    • Als gebruik gemaakt wordt van hulpstukken dan is hieraan extra aandacht besteed in de opleiding.
  • Elektrisch aangedreven palletwagens, stapelaars en orderverzameltrucks worden alleen gebruikt door aangewezen medewerkers die hiervoor voldoende zijn opgeleid. Voldoende opgeleid betekent dat voldaan wordt aan de eisen zoals beschreven in 'Opleiding veilig gebruik mobiele arbeidsmiddelen'.

Er zijn doeltreffende maatregelen getroffen die waarborgen dat aangedreven transportmiddelen niet door onbevoegden gebruikt kunnen worden.

Er is een nadere inventarisatie gedaan van werkzaamheden waarbij een risico op kantelen van de heftruck of reachtruck denkbaar is. Hiervoor zijn zonodig specifieke maatregelen genomen en instructies gegeven aan de gebruikers.

Bij laaddocks is een voorziening beschikbaar die voorkomt dat de te beladen/af te laden voertuigen ongecontroleerd kunnen wegrijden.

Heftrucks en reachtrucks zijn uitgerust met een voorziening zodat zij niet kunnen wegrijden als de bestuurder het voertuig heeft verlaten.

De hef- en reachtrucks zijn uitgerust met een veiligheidsgordel of beugel of andere voorzieningen die bij kantelen er voor zorgen dat de medewerker geen onnodig letsel oploopt.

Voorzetstukken en andere hulpstukken die worden toegepast op de heftruck of reachtruck zijn goedgekeurde arbeidsmiddelen en de gebruiker is bekend met de consequenties van het hulpstuk. Onder meer is een goed zichtbaar lastdiagram beschikbaar voor ieder hulpstuk.

Wanneer er een last wordt vervoerd met een truck waardoor het zicht van de chauffeur naar voren is belemmerd (hoger dan 60 cm bij een heftruck), wordt achteruit gereden.

Bij het rijden wordt de last zo laag mogelijk gehouden (niet hoger dan 15 cm geheven), dus er wordt niet met een geheven last gereden. Met geheven of te hoge last rijden verhoogt risico op aanrijdingen en kan kantelgevaar met zich meebrengen.

Als heftrucks meer dan twee uur per dag door de medewerker gebruikt worden, dan is vastgelegd welke maatregelen genomen zijn om te hoge trillingsbelasting tegen te gaan (rugschade voorkomen).

Voor het laden van accu’s voldoet het bedrijf aan de afspraken in de deelcatalogus ‘Veilige magazijninrichting’.

Minimaal 2 maal per jaar wordt een veiligheidsronde gelopen om specifiek te beoordelen of alle afspraken ten aanzien van veilig gebruik van transportmiddelen worden nageleefd (zie ook brancheafspraak Bedrijfsregels). Het rijgedrag van hef-/reachtruckchauffeurs is hier explicier punt van aandacht. Hiervan wordt een evaluatie vastgelegd met daarin opgenomen welke verbetermaatregelen getroffen zijn in geval er ongewenste situaties zijn waargenomen.

Goede praktijken bij deze richtlijn