Beleid veilig transporteren

Alle verkeersbewegingen met transportmiddelen, hijsen en ook levering buiten de deur zijn een bron van veel ongevallen. Oorzaak van de ongelukken zit zowel in de techniek als in het gedrag van de medewerkers. Op beide fronten zijn maatregelen nodig. Om dit planmatig te doen zal ieder bedrijf zich bewust moeten zijn van de risico’s en dus heel gericht in kaart moeten brengen hoe dit in het bedrijf er voor staat. Om dit te waarborgen zijn op sectorniveau een aantal afspraken gemaakt over de wijze waarop het bedrijf minimaal aandacht besteedt aan preventie van ongevallen bij het transporteren.

Risico-overzicht: ieder bedrijf heeft een overzicht van de risicovolle transportbewegingen die voorkomen bij de bedrijfsactiviteiten (buiten en binnen). Hiervoor zijn, voor zo ver van toepassing, minimaal de volgende arbeidssituaties bekeken en is binnen het bedrijf beschreven of en hoe deze risico’s kunnen opleveren (zie praktijkvoorbeeld):

  • het gebruik van hijswerktuigen, hijsmiddelen en toebehoren (opzetstukken, ketting, hijsbanden enz.)
  • het gebruik van aangedreven mobiele transportmiddelen
  • het gebruik van transportbanen en liftinstallaties
  • het gebruik van met de hand voortbewogen transportmiddelen
  • verkeer van voetgangers, fietsers en voertuigen op het buitenterrein en binnen
  • arbeidsmiddelen om personen op hoogte te brengen

Beheersprotocol: Voor risicovolle transportbewegingen legt het bedrijf afspraken vast over de wijze waarop de veiligheid optimaal gewaarborgd wordt. In het risico-overzicht wordt aangegeven waar deze afspraken te vinden zijn. Hierin is tenminste vastgelegd:

  • hoe voorkomen is dat de transportbewegingen met elkaar in conflict komen (botsingen, voetgangers die geraakt kunnen worden),
  • welke transportmiddelen en eventuele toebehoren geschikt zijn voor de betreffende werkzaamheden,
  • wie bevoegd is transportmiddelen te bedienen en hoe onbevoegd gebruik is tegengegaan,
  • hoe voorlichting en instructie ten aanzien van risico's en beschermende maatregelen met betrekking tot transportmiddelen is geregeld, zowel van gebruikers als omstanders.

Kwaliteitsborging: Ieder bedrijf heeft een overzicht van alle transportmiddelen, waarin is opgenomen op welke wijze keuring, inspectie, reparatie en onderhoud geregeld is. Hierin staat wie verantwoordelijk en bevoegd is en met welke frequentie het onderhoud en de inspectie tenminste moet plaatsvinden.

Voordat transportmiddelen in gebruik genomen worden is vooraf vastgesteld dat zij geschikt zijn voor de werkzaamheden die er mee uitgevoerd worden. Alle transportmiddelen en toebehoren hebben een CE keurmerk en worden volgens de gebruiksinstructies toegepast. Er worden geen veranderingen aan de arbeidsmiddelen gedaan tenzij voor de aanpassingen door een deskundige een beoordeling gedaan wordt om te bepalen of zij aan de CE eisen voldoen.

Goede praktijken bij deze richtlijn

Print dit artikel E-mail dit artikel

Beleid veilig transporteren

Alle verkeersbewegingen met transportmiddelen, hijsen en ook levering buiten de deur zijn een bron van veel ongevallen. Oorzaak van de ongelukken zit zowel in de techniek als in het gedrag van de medewerkers. Op beide fronten zijn maatregelen nodig. Om dit planmatig te doen zal ieder bedrijf zich bewust moeten zijn van de risico’s en dus heel gericht in kaart moeten brengen hoe dit in het bedrijf er voor staat. Om dit te waarborgen zijn op sectorniveau een aantal afspraken gemaakt over de wijze waarop het bedrijf minimaal aandacht besteedt aan preventie van ongevallen bij het transporteren.

Risico-overzicht: ieder bedrijf heeft een overzicht van de risicovolle transportbewegingen die voorkomen bij de bedrijfsactiviteiten (buiten en binnen). Hiervoor zijn, voor zo ver van toepassing, minimaal de volgende arbeidssituaties bekeken en is binnen het bedrijf beschreven of en hoe deze risico’s kunnen opleveren (zie praktijkvoorbeeld):

  • het gebruik van hijswerktuigen, hijsmiddelen en toebehoren (opzetstukken, ketting, hijsbanden enz.)
  • het gebruik van aangedreven mobiele transportmiddelen
  • het gebruik van transportbanen en liftinstallaties
  • het gebruik van met de hand voortbewogen transportmiddelen
  • verkeer van voetgangers, fietsers en voertuigen op het buitenterrein en binnen
  • arbeidsmiddelen om personen op hoogte te brengen

Beheersprotocol: Voor risicovolle transportbewegingen legt het bedrijf afspraken vast over de wijze waarop de veiligheid optimaal gewaarborgd wordt. In het risico-overzicht wordt aangegeven waar deze afspraken te vinden zijn. Hierin is tenminste vastgelegd:

  • hoe voorkomen is dat de transportbewegingen met elkaar in conflict komen (botsingen, voetgangers die geraakt kunnen worden),
  • welke transportmiddelen en eventuele toebehoren geschikt zijn voor de betreffende werkzaamheden,
  • wie bevoegd is transportmiddelen te bedienen en hoe onbevoegd gebruik is tegengegaan,
  • hoe voorlichting en instructie ten aanzien van risico's en beschermende maatregelen met betrekking tot transportmiddelen is geregeld, zowel van gebruikers als omstanders.

Kwaliteitsborging: Ieder bedrijf heeft een overzicht van alle transportmiddelen, waarin is opgenomen op welke wijze keuring, inspectie, reparatie en onderhoud geregeld is. Hierin staat wie verantwoordelijk en bevoegd is en met welke frequentie het onderhoud en de inspectie tenminste moet plaatsvinden.

Voordat transportmiddelen in gebruik genomen worden is vooraf vastgesteld dat zij geschikt zijn voor de werkzaamheden die er mee uitgevoerd worden. Alle transportmiddelen en toebehoren hebben een CE keurmerk en worden volgens de gebruiksinstructies toegepast. Er worden geen veranderingen aan de arbeidsmiddelen gedaan tenzij voor de aanpassingen door een deskundige een beoordeling gedaan wordt om te bepalen of zij aan de CE eisen voldoen.

Goede praktijken bij deze richtlijn