Aantal BHV-ers (BRANCHEAFSPRAAK)

De BHV is zo georganiseerd dat er binnen enkele minuten na een alarmmelding eerste hulp kan worden verleend, een bluspoging kan worden ondernomen of gestart kan worden met het ontruimen van een locatie.

Er dienen op iedere vestiging voldoende opgeleide BHV-ers inzetbaar te zijn. Binnen de Technische Groothandelsbedrijven is een dusdanig grote spreiding van soorten en grootte van bedrijven, dat het niet mogelijk is om hiervoor specifieke aantallen benodigde BHV-ers te geven. Het is dus altijd maatwerk, u legt dit vast in de RI&E. Zie praktijkvoorbeeld 'Bepalen van het aantal BHV-ers' als handreiking. Stel aan de hand hiervan in samenspraak met de OR of PVT het vereiste aantal aanwezige BHV-ers vast voor uw bedrijf tijdens werktijden. Overleg bij het ontbreken van OR of PVT met de belanghebbende medewerkers.

Het absolute minimum is tenminste 1 BHV-er per vestiging op alle momenten waarop daar werkzaamheden worden verricht. Eventueel is dit de directeur of bedrijfsleider zelf. In principe wordt gestreefd naar eigen medewerkers die als BHV-er worden aangewezen tenzij met organisaties in de directe omgeving is geregeld dat deze op alle momenten kunnen voorzien in de vereiste hulp. Op plaatsen waar medewerkers alleen werkzaamheden verrichten zijn voldoende maatregelen getroffen om te zorgen dat ook zij tijdig hulp in kunnen roepen als dit nodig is.

Bij de bepaling van het totaal aantal benodigde BHV-ers wordt rekening gehouden met:

  • de aard, grootte, ligging en spreiding binnen het pand van het bedrijf
  • de zelfredzaamheid van de aanwezige personen
  • mogelijke afwezigheid van de BHV-ers: ziekte, verlof, vakanties, ploegendiensten en externe afspraken.

Wat betreft de aantallen en taken c.q. vereiste opleiding- en trainingsniveau, wordt ook rekening gehouden met de te verwachten opkomsttijd van professionele hulpverleners.

Speciale aandacht verdienen evenementen, waarbij veel extra medewerkers en/of bezoekers aanwezig zijn.

Goede praktijken bij deze richtlijn

Print dit artikel E-mail dit artikel

Meer informatie

Arbo-Informatieblad 10 ‘Bedrijfshulpverlening’

NEN 4000 Bedrijfshulpverlening

NEN 8112 Leidraad voor ontruimingsplannen

Emergos Checklist voor inrichting van een bedrijfsnoodorganisatie

Handreiking Bedrijfshulpverlening – Stichting van de Arbeid


Relatie met wet

Arbowet art. 15 Deskundige bijstand op het gebied van bedrijfshulpverlening

Arbobesluit art. 2.5c Intern noodplan

Arbobesluit art 2.5f Inlichting naburige bedrijven

Arbobesluit art. 3.25 Eerste-hulpposten

Arboregeling art. 2.0c Bijlage II Inhoud intern noodplan

Aantal BHV-ers (BRANCHEAFSPRAAK)

De BHV is zo georganiseerd dat er binnen enkele minuten na een alarmmelding eerste hulp kan worden verleend, een bluspoging kan worden ondernomen of gestart kan worden met het ontruimen van een locatie.

Er dienen op iedere vestiging voldoende opgeleide BHV-ers inzetbaar te zijn. Binnen de Technische Groothandelsbedrijven is een dusdanig grote spreiding van soorten en grootte van bedrijven, dat het niet mogelijk is om hiervoor specifieke aantallen benodigde BHV-ers te geven. Het is dus altijd maatwerk, u legt dit vast in de RI&E. Zie praktijkvoorbeeld 'Bepalen van het aantal BHV-ers' als handreiking. Stel aan de hand hiervan in samenspraak met de OR of PVT het vereiste aantal aanwezige BHV-ers vast voor uw bedrijf tijdens werktijden. Overleg bij het ontbreken van OR of PVT met de belanghebbende medewerkers.

Het absolute minimum is tenminste 1 BHV-er per vestiging op alle momenten waarop daar werkzaamheden worden verricht. Eventueel is dit de directeur of bedrijfsleider zelf. In principe wordt gestreefd naar eigen medewerkers die als BHV-er worden aangewezen tenzij met organisaties in de directe omgeving is geregeld dat deze op alle momenten kunnen voorzien in de vereiste hulp. Op plaatsen waar medewerkers alleen werkzaamheden verrichten zijn voldoende maatregelen getroffen om te zorgen dat ook zij tijdig hulp in kunnen roepen als dit nodig is.

Bij de bepaling van het totaal aantal benodigde BHV-ers wordt rekening gehouden met:

  • de aard, grootte, ligging en spreiding binnen het pand van het bedrijf
  • de zelfredzaamheid van de aanwezige personen
  • mogelijke afwezigheid van de BHV-ers: ziekte, verlof, vakanties, ploegendiensten en externe afspraken.

Wat betreft de aantallen en taken c.q. vereiste opleiding- en trainingsniveau, wordt ook rekening gehouden met de te verwachten opkomsttijd van professionele hulpverleners.

Speciale aandacht verdienen evenementen, waarbij veel extra medewerkers en/of bezoekers aanwezig zijn.

Goede praktijken bij deze richtlijn