Storingen, onderhoud en inspectie

Goed onderhoud en inspectie zijn van groot belang om veilig werken te garanderen. Als er een storing is zal er vooral aandacht zijn voor een snel herstel van de situatie. De storings- en onderhoudswerkzaamheden zelf moeten natuurlijk ook gezond en veilig uitgevoerd kunnen worden. Daarom gelden hiervoor de volgende richtlijnen.

  • Storings- en onderhoudswerkzaamheden worden alleen door aangewezen personen gedaan. De door de werkgever aangewezen personen bezitten aantoonbare kennis en kunde. Voor elektrotechnische werkzaamheden moet voldaan worden aan de deskundigheidseisen van de NEN 3140
  • Storings- en onderhoudswerkzaamheden worden alleen uitgevoerd aan installaties en machines die spanningsvrij gemaakt zijn (zowel elektrisch, als hydraulisch, als pneumatisch). Indien dit niet mogelijk is door de aard van de werkzaamheden, worden er andere doeltreffende maatregelen genomen die voorkomen dat onbedoeld bewegingen ontstaan in de machine of installatie.
  • Er is technisch geborgd dat installaties en machines die voor storings- en onderhoudswerkzaamheden spanningsvrij gemaakt zijn, niet eerder in werking gezet kunnen worden voordat de werkzaamheden afgerond zijn en de installatie of machine weer voor gebruik vrijgegeven is.
  • Onderhoudswerk met specifieke gevaren wordt pas gestart als een (door het bedrijf aangewezen) bevoegd persoon dit heeft goedgekeurd. De bevoegde persoon is verantwoordelijk om eerst te bepalen of en zo ja welke maatregelen getroffen worden om extra risico's voor de werknemers of bezoekers uit te sluiten. Dit geldt in ieder geval voor: vuurgevaarlijk werk, werken op hoogte (boven 2,5 meter), werk aan elektrische installaties of werk waarbij beveiligingen worden weggenomen of (nood)installaties buiten werking gesteld worden.

Goede praktijken bij deze richtlijn

Print dit artikel E-mail dit artikel

Relatie met wet

Arbobesluit art 7.4, 7.5 en 7.6

Storingen, onderhoud en inspectie

Goed onderhoud en inspectie zijn van groot belang om veilig werken te garanderen. Als er een storing is zal er vooral aandacht zijn voor een snel herstel van de situatie. De storings- en onderhoudswerkzaamheden zelf moeten natuurlijk ook gezond en veilig uitgevoerd kunnen worden. Daarom gelden hiervoor de volgende richtlijnen.

  • Storings- en onderhoudswerkzaamheden worden alleen door aangewezen personen gedaan. De door de werkgever aangewezen personen bezitten aantoonbare kennis en kunde. Voor elektrotechnische werkzaamheden moet voldaan worden aan de deskundigheidseisen van de NEN 3140
  • Storings- en onderhoudswerkzaamheden worden alleen uitgevoerd aan installaties en machines die spanningsvrij gemaakt zijn (zowel elektrisch, als hydraulisch, als pneumatisch). Indien dit niet mogelijk is door de aard van de werkzaamheden, worden er andere doeltreffende maatregelen genomen die voorkomen dat onbedoeld bewegingen ontstaan in de machine of installatie.
  • Er is technisch geborgd dat installaties en machines die voor storings- en onderhoudswerkzaamheden spanningsvrij gemaakt zijn, niet eerder in werking gezet kunnen worden voordat de werkzaamheden afgerond zijn en de installatie of machine weer voor gebruik vrijgegeven is.
  • Onderhoudswerk met specifieke gevaren wordt pas gestart als een (door het bedrijf aangewezen) bevoegd persoon dit heeft goedgekeurd. De bevoegde persoon is verantwoordelijk om eerst te bepalen of en zo ja welke maatregelen getroffen worden om extra risico's voor de werknemers of bezoekers uit te sluiten. Dit geldt in ieder geval voor: vuurgevaarlijk werk, werken op hoogte (boven 2,5 meter), werk aan elektrische installaties of werk waarbij beveiligingen worden weggenomen of (nood)installaties buiten werking gesteld worden.

Goede praktijken bij deze richtlijn